Op de bovenverdieping van CoffeeCompanie aan het Waterlooplein in Amsterdam kwamen op dinsdag 1 december tien mensen bij elkaar voor een brainstorm over horeca en onderwijs. Alle aanwezigen beseften dat dit een bijzondere bijeenkomst is. We proberen een nieuw recept voor onderwijs: Onderwijs 2.0. Dit wil zeggen dat een specifiek probleem in het onderwijs niet alleen door het onderwijs wordt opgelost. De oplossing komt vanuit het samenvoegen van allerlei netwerken waar het onderwijs deel van uitmaakt. Dit gebeurt te weinig. Daar mag de hele onderwijssector zichzelf de schuld van geven. De scholen, uitgevers, overheden, bedrijven en instellingen moeten kennis delen en bundelen:
Recept voor Onderwijs 2.0 voor horeca
Ingrediënten/de deelnemers:
- Dienst Milieu en Bouwtoezicht (DMB)
- Lucas Oost Lievense (kennismanager)
- Gerard Liefting (milieu inspecteur)
- Frits Boogaart (specialist geluid/zonebeheerder)
- Johan Steehouwer (trainee)
- ROC van Amsterdam
- Frank van Geilswijk (docent recht)
- Stadsdeel Centrum Amsterdam
- Pepi Soto Regalado
- Brandweer Amsterdam-Amstelland
- Fred Hart (kwaliteitsmanager)
- Economische Zaken Amsterdam
- Ellen Veul (beleidsadviseur)
- Adviesbureau Alares
- Ilja van den Berg (consultant onderwijs o.a. voor ROC van Amsterdam)
- Uitgeverij Edu’Actief bv
- Ricardo Eshuis (uitgever)
Stap 1:
Men neme van elk ingrediënt het belangrijkste onderdeel: de kennis en de bereidheid om deze kennis te delen.
Stap 2:
Deze ingrediënten meng je goed door elkaar in de CoffeeCompany aan het Waterlooplein op 1 december ’09 tussen 09.30 en 12.00 uur.
Stap 3:
Uitstekende koffie
Stap 4:
Een open brainstorm
Dit is de basis voor een compleet nieuw gerecht: onderwijs 2.0
De brainstorm
Lucas Oost Lievense deed de aftrap namens de gemeente Amsterdam. Een korte uitleg van de week die gaande is: het open innovatiefestival. Daarna heeft Ricardo Eshuis vanuit het perspectief van onderwijs en het ontwikkelen van leermiddelen uitgelegd wat het doel van de brainstorm is en waarom deze brainstorm noodzakelijk is.
Doel van de brainstorm is inventariseren hoe we de kennis van startende ondernemers kunnen verhogen. Deze behoefte is er vanuit de gemeente en vanuit diverse diensten. De brainstorm is noodzakelijk vanwege het feit dat te vaak ondernemers allerlei leuke ideeën en plannen hebben, maar dat deze worden afgekeurd omdat ze niet op de hoogte zijn van de wettelijke eisen en regelgeving. Dat is zonde, want de gemeente wil juist ondernemerschap stimuleren. Eén van de belangrijkste mogelijkheden om startende ondernemers beter beslagen ten ijs te laten komen is via het onderwijs en via lesmateriaal.
1. Het ondernemingsplan
Na de aftrap vliegen al snel de verhalen over tafel. Soms hilarische voorbeelden van startende ondernemers die zich volledig hebben verkeken op een verbouwing. Ze hadden niet door dat je in een pand dat valt onder monumentenzorg niet zomaar een nachtclub kunt beginnen. Ook op het gebied van brandveiligheid zijn soms schrijnende voorbeelden van welwillende ondernemers die hun zaak niet mochten starten omdat ze niet aan de eisen voldeden. Een heel groot probleem is het gebrek aan kennis over geluidsnormen. Er zijn al veel ondernemers de mist mee in gegaan omdat ze aanvankelijk dachten geen muziek nodig te hebben bij de exploitatie van hun zaak. Op het moment dat ze dat wel gingen doen, produceerden ze meer dan 70 decibel en daarmee valt het bedrijf in een andere handhavingscategorie. Talloze klachten over geluid, ontzaglijk veel kosten voor geluidsisolatie die uiteindelijk geen soelaas boden. Dat soort problemen kan voorkomen worden. Gezamenlijk trekken we de conclusie dat er een grote slag gemaakt moet worden bij het opstellen van het ondernemingsplan. Hierin legt een startende ondernemer zijn bedrijfsformule vast. Op basis daarvan moet hij in staat zijn om in kaart te brengen aan welke wettelijke eisen hij moet gaan voldoen.
Conclusie 1: Het ondernemingsplan is de crux om het probleem op te lossen.
2. Gemeente en ondernemer samen verantwoordelijk?
De verantwoordelijkheid is een tweerichtingsweg: zowel de ondernemer als de gemeente heeft een taak en verantwoordelijkheid om de start van een bedrijf mogelijk te maken.
Stadsdeel Centrum geeft aan dat zij startende ondernemers die zich melden goed kunnen begeleiden. Maar het zijn er te weinig. Er zijn speciale ambtenaren aangesteld om startende ondernemers te begeleiden. Economische Zaken geeft aan dat alles al inzichtelijk is gemaakt via het loket horeca1.nl. dat is één loket voor alle vergunningen. En toch zaken er nog teveel ondernemers door het ijs.
Ook DMB geeft aan dat er voor ondernemers een checklist is gemaakt waarin staat waaraan een bedrijf moet voldoen op het gebied van geluid en (brand)veiligheid. Deze lijst is i.s.m. de brandweer opgesteld. Toezichthouders werken al geruime tijd met deze lijst.
Op het eerste oog lijkt het erop dat er al veel is ontwikkeld om startende ondernemers te begeleiden. Waarom gaat het dan nog zo vaak fout? Tijdens de discussie ontstaat het beeld dat er veel kennis is, maar dat deze niet gedeeld wordt. Er is geen onderling overleg.
Conclusie 2: De gemeente moet actiever op zoek gaan naar de startende ondernemer en deze hulp aanbieden. Afstemmen van wat diverse diensten doen is noodzakelijk.
3. Biedt het onderwijs voldoende kennis?
Stadsdeel Centrum krijgt vaak studenten van de opleiding manager/ondernemer horeca over de vloer. Via vragen en opdrachten zijn zij bezig om een fictief bedrijf op te zetten. Het Stadsdeel geeft aan dat een aantal zaken in deze opdrachten ontbreekt: bewustwording van het lange tijdpad om te komen van idee tot start van een nieuwe zaak. Het duurt gewoonweg een paar maanden om alle vergunningen rond te krijgen, ook a l is daar één loket voor. ROC van Amsterdam geeft aan dat dit er nu onvoldoende in zit. Op basis daarvan komen ook andere onderdelen van wet- en regelgeving aan de orde die nu onvoldoende in de opdrachten en activiteiten van het ROC zitten. ROC van Amsterdam geeft aan dat er vooral behoefte is aan actuele kennis over de wet- en regelgeving en over de manier waarop een startende ondernemer zijn weg kan vinden door hulp af te dwingen bij de gemeente.
De huidige eis om een horecabedrijf te mogen starten is het hebben van een diploma Sociale Hygiëne. Dit diploma geeft aan dat mensen om kunnen gaan met agressie, dronkenschap en andere uitwassen op het gebied van gedrag van mensen in de horeca. Het zegt niets over ondernemersschap of over het kunnen opstellen van een ondernemingsplan.
Conclusie 3: in het onderwijsprogramma moet veel meer tijd en ruimte worden ingebouwd voor wet- en regelgeving. Zowel de theorie als de praktische toepassing moet duidelijk worden.
4. Wet- en regelgeving : last of lust?
Er is veel weerstand bij ondernemers tegen de zogenaamde regeldruk. Ook studenten geven vaak aan dat het geneuzel over regeltjes het ondernemerschap niet leuker maakt. De ondernemer moet er daarom op gewezen worden dat die regels er niet zijn om hem te pesten, maar om het samenleven mogelijk te maken. De startende ondernemer moet begrijpen dat hij deel uitmaakt van de samenleving en dat hij lid is van diverse (sociale) netwerken.
Het nut en de noodzaak van wet- en regelgeving moet betekenisvol worden gemaakt voor studenten en startende ondernemers. Het is zaak van de gemeente om dat doel te bereiken. Zij zal startende ondernemers nog meer en beter moeten informeren. En belangrijker: zij moet beter bereikbaar zijn voor ondernemers. Die werken niet alleen tijdens kantoortijden, maar vooral daarbuiten. Sociale netwerken bieden daarbij een mooie uitkomst (je ambtenaar op de Iphone).
Conclusie 4-1: De gemeente moet duidelijk maken dat zij graag wil helpen om de startende ondernemer op weg te helpen en dat zij bereid is om het nieuwe bedrijf tot een succes te maken.
Conclusie 4-2: De wet- en regelgeving moet voor de startende ondernemer betekenisvol worden gemaakt. Hij moet niet alleen wetten kennen, maar moet ook weten hoe deze gevolgen hebben voor de inrichting en het exploiteren van het bedrijf.
5. Maak ondernemen mogelijk.
Door diezelfde wet- en regelgeving zoeken de ondernemers de grenzen op van de wet. Wat mag nog net en net niet? Beroemd is ‘de spijker’ die de grens moet aangeven van een terras. De gemeente moet begrijpen dat ondernemers de grenzen opzoeken omdat zij geld willen verdienen met hun zaak. Juist door die grenzen op te zoeken kan de gemeente en dus de overheid de burgers en ondernemers veel beter van dienst zijn. De overheid moet zich niet verschuilen achter de woorden ‘dat zijn de regels’, maar moet zich veel opener opstellen. Zorg ervoor dat de regels werken: Maak ondernemen mogelijk.
Conclusie 5: de gemeente moet zich opener opstellen en moet leren om te gaan met ondernemers die de grenzen opzoeken. Hoe haal je daar winst uit als gemeente?
Maak ondernemen mogelijk: belangrijke rol onderwijs
Dat is de uitkomst van de brainstorm.
Voor het onderwijs ligt daar een mooie taak. Verbind alle kennisnetwerken met elkaar en stel deze open voor diegene die een horecabedrijf willen starten. Het onderwijs kan niet zelf zorgen voor alle kennis op het gebied van steeds veranderende wet- en regelgeving. Alle diensten hebben aangegeven daar graag aan mee te willen doen.
Ook voor de gemeente ligt daar een schone taak. Deel de kennis die binnen de hele gemeente aanwezig is. Zorg voor een goede ontsluiting van die kennis. Maar stel ook middelen ter beschikking waarmee een startende ondernemer deze kennis kan managen.
Vervolg
Ricardo Eshuis/Edu’Actief zal het voortouw nemen om met de aanwezigen in kaart te brengen wat er al ontwikkeld is binnen de gemeente en hoe dit kan worden ingezet binnen een leermiddel.
Met het ROC van Amsterdam en Alares gaan we in kaart brengen binnen wat voor soort leermiddel de kennis kan worden ondergebracht. Daarnaast gaan we de didactiek bekijken: hoe maken we de wet- en regelgeving betekenisvol voor de startende ondernemer. Het uiteindelijke product gaan we aan de gemeente en aan het ROC van Amsterdam ter beschikking stellen.
De ontwikkelingen rond deze unieke samenwerking zal via www.openinnovatiefestival.nl en via mijn weblog te volgen zijn.
Tags: Edu'Actief, horeca, Onderwijs, onderwijs 2.0, onderwijsinnovatie, Open innovatie festival
december 24, 2009 om 2:02 pm |
Onder de aanwezigen zijn er bijzonder weinig vertegenwoordigers van horeca ondernemende partijen zoals KHN Amsterdam of een succesvol horeca ondernemer.
december 24, 2009 om 5:13 pm |
The Coffee Company is nauw betrokken bij het project. Op het tijdstip van de brainstorm was de afgevaardigde van het bedrijf helaas verhinderd. Dynamiek van ondernemen zeg ik maar. In het vervolgtraject zal CoffeeCompany een belangrijke bijdrage leveren. Volgens de gemeente Amsterdam is dat bedrijf bij uitstek een voorbeeld van hoe je de overheid als partner kunt zien en hoe je als ondernemer op een goede manier toch steeds grenzen kunt verleggen. De brainstormlocatie was niet voor niets bij de CoffeeCompany aan et Waterlooplein.
Je mag deze opzet zien als een soort olievlek: denk groot, begin klein. We gaan in januari de volgende stappen zetten en dan zijn nieuwe partijen zeer wel welkom. Zo gaat ook de politie Amsterdam-Amstelland Centrum aansluiten bij het project. Dat is immers de gedachte van 2.0!